dinsdag, september 18, 2007

Landing Soon # 2 bij Artoteek Den Haag


Landing Soon # 2 12 september t/m 7 oktober 2007 Ingrid Mol, beelden en tekeningen / Quinten Smith, animatie en foto’s
Opening vrijdag 14 september om 17 uur in aanwezigheid van de kunstenaars
Landing Soon is een driejarig artist-in-residence programma voor Indonesische en Nederlandse kunstenaars. Van 1 februari t/m 30 april verbleven Ingrid Mol en Quinten Smith voor een werkperiode van drie maanden in Yogyakarta. Zij werkten daar nauw samen met hun Indonesische collega Handy Hermansyah. Het resultaat van hun verblijf is in deze tentoonstelling te zien.

http://www.artoteekdenhaag.nl/

zie ook dit stuk van Galeries.nl van gast schrijfster Saskia Beckeringh.

De afbeelding hiernaast bestaat uit twee plaatjes uit een stripverhaal. Op het linker plaatje kijken we over de schouder van een westerse jonge vrouw over een bureau naar een Indonesische man. Hij draagt een traditioneel oosterse hoofddeksel en een westers colbert met overhemd en stropdas. De man zit hij erbij of hij poseert voor de schoolfotograaf, zijn pen in zijn rechterhand ligt op een vel papier alsof hij aan het schrijven is, terwijl hij het hoofd opgeheven heeft alsof hij recht in een camera kijkt. De plastieken in de kast naast hem lijken op miniaturen van socialistisch realistische monumentale beeldhouwwerken. Op het andere plaatje kijken we over de schouder van de man. Nu staat er een miniatuur van een monument voor hem, een zuil met machtssymbolen, enige strijdbare burgers eromheen, met vlag en geweer in de hand. Aan de andere kant van de tafel staat de jonge vrouw, ze is zichtbaar door het rookgordijn heen dat opstijgt uit de sigaret van de oude man. Ze kijkt nadenkend naar het monument op de tafel.De voorstelling is afkomstig uit het stripverhaal dat Ingrid Mol (1970) maakte in het kader van de drie maanden die zij samen met Quinten Smith doorbracht in Yogjakarta als Artist in Residence in opdracht van Artoteek Den Haag. In het verhaal gaat een kunstenares op reis naar Indonesië om daar onderzoek te doen naar mogelijke vernieuwing van de beeldhouwkunst in de openbare ruimte van Java.Ingrid Mol gebruikt vaker het stripverhaal als werkvorm.Het stripverhaal is al een heel oude manier van uitbeelden. Hoewel in een stripverhaal vaak tekst wordt gebruikt ligt de nadruk op het beeld, waarbij gestreefd wordt op een zo eenvoudige manier de essentie van iets weer te geven, waardoor een eigen beeldtaal is ontstaan. Voorbeeld hiervan is de manier waarop door middel van streepjes beweging worden aangeduid. Ook tekstballonnen waarin gedachten en dialogen worden weergegeven zijn onderdeel van het stripverhaal. De essentialistische manier van uitbeelding leidt tot stereotiepen en clichés. Het stripverhaal wordt oppervlakkigheid verweten en werd gewoonlijk tot de lagere vormen van kunst gerekend. Kunstenaars als Roy Lichtenstein en Andy Warhol stelden dit onderscheid tussen ‘high art’ en ‘low art’ ter discussie, en in de hedendaagse kunst lopen ‘hoge en lage’ vormen van kunst vrolijk door elkaar.Op het plaatje van Ingrid Mol zien we een aantal stereotiepen in tegenstelling tot elkaar geplaatst. Zo zijn monumentalistische beeldhouwwerken, die symbool staan voor de centralistische macht, geplaatst in een stripverhaal, dat als lectuur voor het volk geldt. De Indonesische man draagt een traditioneel oosters hoofddeksel in combinatie met het westerse kleding, en hij is oud en wijs, terwijl de vrouw westers, mooi en jong is. De rook die opstijgt aan het uiteinde van de sigaret van de man neemt de vorm aan van een gedachtenballon: de man spreekt met de vrouw over zijn kunstwerken, maar wordt afgeleid door haar schoonheid. Zijn monument wordt een fallussymbool en lijkt te verwijzen naar de oeroude relatie tussen macht en seks.Werk van Inrid Mol en Quiten Smith is tot 7 oktober te zien bij Artoteek Den Haag.

zie ook het artikel van Babeth Knol ,vrijdag 28 september in Den Haag Centraal, zoek bij archief krant 20 pdf
DEN HAG CENTRAAL